Activiteiten

Bestuurders in de publieke sector kunnen bijdragen aan integere besluiten. We hebben hen in de loop van de tijd laten zien wat dit betekent voor wetgeving, zienswijzen ingediend en onderzoek gedaan over aanstaande besluiten.

Een aantal onderwerpen hebben we zelf onderzocht om tot oplossingen te komen. We gebruiken een effectmeting (enquête) als methode om impact van (voorgenomen) besluitvorming op alle stakeholders zichtbaar te maken en oplossingen te laten ontstaan die belanghebbenden heel houden of heel maken. Deze kennis hebben we ook ter beschikking gesteld aan andere ngo’s.

In andere gevallen hebben we zienswijzen ingediend en ons op andere manieren ingespannen om de wetgeving positief te beïnvloeden. Zo hebben we presentaties gegeven voor onder meer gemeenteraad Woerden, Provincie Utrecht, Ministerie van EZK en Tweede Kamerleden.

Ruimtelijke ontwikkeling

Wakker geschud door een informatieavond (2015) van de gemeente Woerden met presentatie van Canadees mijnbouwbedrijf Vermilion over hun plannen om gas te winnen onder een woonwijk, hebben we een effectmeting onder alle stakeholders uitgevoerd. Alle belanghebbenden werden uitgenodigd mee te denken over de invloed en gevolgen van de geplande olie- en gaswinning en zich in elkaars positie te verplaatsen. De enquête werd door 197 omwonenden en 12 andere belanghebbenden ingevuld. Het overgrote deel van hen verwachtte negatieve effecten voor omwonenden, m.b.t. milieu, de duurzaamheidsagenda, en toekomstige
generaties. Voor oliemaatschappij en het Rijk verwachtte een kleine meerderheid een positief effect.

Resultaten van dit onderzoek, inclusief alternatieven en suggesties voor compensatie, zijn besproken met de wethouder van de gemeente Woerden. Ook hebben we de onderzoeksresultaten gepresenteerd aan de gemeenteraad en in een later stadium aan een delegatie van Tweede Kamerleden. Deze resultaten zijn door ons vertaald in acht kernpunten en ingediend als zienswijze voor de nieuwe Mijnbouwwet die in 2015 ter consultatie was voorgelegd. Bepaalde punten zijn door Tweede Kamerleden overgenomen en met succes gewijzigd in de wet. Met name dat niet alleen ernstige schade, maar schade voor vergoeding in aanmerking zou komen (‘ernstig’ werd geschrapt), dit in overeenstemming met het principe van integriteit. Ter ondersteuning van de besluitvorming bij andere kleine velden hebben we de inzichten van de effectmeting vertaald naar een A4 met randvoorwaarden (1,1MB) die kunnen worden aangevuld met locatiespecifieke condities.

Ondertussen werkte de overheid aan de structuurvisie ondergrond (STRONG), waarmee zij “de ondergrondse ruimte ordenen en activiteiten in de ondergrond beter op elkaar wil afstemmen en koppelen aan de bovengrondse activiteiten”. De opgave voor de structuurvisie werd als volgt omschreven: “bieden van ruimte voor mijnbouwactiviteiten voor de energievoorziening”. Deze zinsnede vat de dominante focus van deze structuurvisie ondergrond samen. Met andere woorden, het is toegeschreven naar het benutten. Dit betekende dat deze denkrichting moest worden bijgestuurd ter bescherming van mens, milieu en maatschappij, inclusief toekomstige generaties. Daarom dienden we een zienswijze in, o.a. gebaseerd op de resultaten van bovengenoemde effectmeting van voorgenomen olie- en gaswinning in Woerden.

Aangezien we onze input slechts beperkt herkenden in de nota van beantwoording, hebben we in overleg met het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een enquête uitgevoerd om te inventariseren hoe andere indieners van zienswijzen de behandeling daarvan hadden ervaren. De uitkomsten van de enquête waren 78 opmerkingen en 19 vragen waarmee de indieners van zienswijzen aangaven wat er alsnog in de Structuurvisie Ondergrond gewijzigd zou moeten worden op gebied van bescherming van de ondergrond, bescherming van water(kwaliteit), het voorkómen van schadelijke gevolgen mijnbouw, benutting ondergrond, beter borgen van invloed lokaal en/of provinciaal bestuur en andere onderwerpen. Deze resultaten stelden we ter beschikking aan de commissie van de Eerste Kamer, zodat zij hiermee bij de behandeling rekening kon houden.

Doordat onze activiteiten niet onopgemerkt bleven, zijn we uitgenodigd om mee te denken over de Novi, de nieuwe Omgevingsvisie die als basis geldt voor de Omgevingswet (waarin de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigd en samenvoegd worden). Mede hierdoor kregen we een positieve indruk van de intenties van deze wet, met name omdat draagvlak door vroegtijdige participatie hoog in het vaandel stond.

Ondertussen schreef het Sociaal Cultureel Planbureau het essay ‘Niet buiten de burger rekenen!’ als een kritische reflectie op wat in de integrale Nationale Omgevingsvisie aan de orde dient te komen. Bezien vanuit het perspectief van de burger vraagt het SCP aandacht voor tien randvoorwaarden om het nieuwe omgevingsbestel te laten functioneren.  Na een positieve interactie met het SCP besloten we onze ervaring met de effectmeting in Woerden te vertalen naar een concreet standaardproces voor initiatiefnemers en bevoegde gezagen om, vanuit de principes van integriteit, te komen tot breed gedragen wijzigingen in de omgeving. Ons proces adresseerde ook de tien randvoorwaarden die SCP noemde.

In juli 2019 bleek echter dat in een latere versie van de Omgevingswet de belangen van omwonenden worden geschaad in de vorm van een gedoogplicht en schadeforfait. Draagvlak bleek geen criterium voor vergunningverlening. We voelden ons op het verkeerde been gezet en hebben besloten om het proces in te trekken. Tegelijkertijd hebben we de noodklok geluid bij Tweede Kamerleden, lokale en provinciale bestuurders met als doel de bestreden artikelen van tafel te krijgen. Zo boden we hen een petitie over integriteit aan. Inmiddels zijn de eerste gesprekken met Kamerleden gevoerd om hierover nader van gedachten te wisselen.

Financiële dienstverlening

Veel consumenten ervaren de boeterente bij vervroegde aflossing van een hypotheek als onrechtvaardig en belemmerend. De implementatie van de Europese richtlijn MCD (Mortgage Credit Directive) op 14 juli 2016 was een belangrijk moment om de praktijk van boeterente onder de loep te nemen. Dit was ook een kans om bestuurders van financiële dienstverleners inzicht te geven in de suggesties voor verbetering vanuit het klantperspectief. Daarom besloten we in samenwerking met de Stichting New Financial Forum te onderzoeken hoe aanvaardbaar strikte toepassing van de boeterenteclausule wordt gevonden en welke verbeteringen men nodig vindt (zie aankondiging in New Financial Magazine). De enquête werd door 664 consumenten, 47 financieel adviseurs, 13 beleggers en 10 geldverstrekkers volledig ingevuld en leverde meer dan 400 suggesties voor verbetering op.

Meest terugkerende suggestie was: afschaffen. Van de consumenten noemde 83 procent het onaanvaardbaar dat de boeterenteclausule strikt wordt toegepast. Verder vond 71 procent van de adviseurs dit ook en was 30 procent van geldverstrekkers deze mening toegedaan. De volgende tien combinaties van suggesties voor verbetering werden het meest genoemd:

  1. Door toegenomen transparantie en gezonde concurrentie zouden niet alleen de werkelijke kosten mogen worden berekend (conform de Europese hypothekenrichtlijn, MCD) maar ook een plafond moeten worden ingesteld ter hoogte van het Belgische systeem te weten drie maanden rente plus dossierkosten bij (gedeeltelijk) oversluiten.
  2. Het recht per jaar om boetevrij af te lossen moet cumulatief werken, resulterend in een recht op 100% boetevrije aflossing na 5 tot 10 jaar (afhankelijk van het afgesproken percentage).
  3. Voorwaarden bij rentemiddeling moeten worden verbeterd o.a. ook boetevrij bij verkoop huis.
  4. De nieuwe condities moeten ook gelden voor alle bestaande contracten teneinde rechtsongelijkheid te voorkomen en zowel schuldreductie als koopkracht te bevorderen.
  5. Boeterenteclausule moet in balans worden gebracht zodat het een tweezijdige regeling wordt met malus én bonus en beloning bij volmaken van periode of werkelijke opbrengsten en kosten delen.
  6. In sociaal/maatschappelijke zin is er een stelselwijziging nodig die mogelijkheden voor schuldreductie verruimt en het vertrouwen in de financiële sector vergroot.
  7. Lagere lasten maken meer capaciteit vrij om meer af te lossen of de koopkracht te vergroten.
  8. Er is meer transparantie en betere informatie nodig over de werkelijke kosten en hypotheekvoorwaarden en een beter toezicht hierop door AFM.
  9. Eerder aflossen moet fiscaal worden beloond.
  10. Het gevoel van faire behandeling bij consumenten zal worden vergroot door te kijken naar de historie van de klant in termen van totaal betaalde rente en wijzigingen. De eerste keer kan de bank bijvoorbeeld minder kosten rekenen. Ook is dringend gewenst om soepeler om te gaan met boetes en de persoonlijke omstandigheden hierin mee te nemen.

Op 6 september 2016 is in de Tweede Kamer een beknopt debat gehouden over de invoering van de Europese hypohekenrichtlijn (MCD). Het was logistiek niet mogelijk om voorafgaand hieraan de beoogde dialoog met vertegenwoordigers van stakeholders te organiseren. Daarom is een samenvatting van de enquêteresultaten verstuurd aan de politiek als mogelijke input voor het debat. Helaas heeft dit initiatief niet tot concrete resultaten geleid.

Heb je tips?

Gezien onze beperkte capaciteit als onafhankelijke en ongesubsidieerde maatschappelijke organisatie, willen we op organische wijze schadelijke wet- en regelgeving aan de orde stellen. Jouw tips over wat je schadelijke wetgeving vindt en wat er zou moeten veranderen zien we graag tegemoet. We zullen dan per thema onderzoeken met welke andere gespecialiseerde maatschappelijke organisatie(s) we dit kunnen oppakken.

Neem contact op

Photo credits: Elijah Macleod on Unsplash